Interview Piet den Blanken


’’Nieuwsgierigheid vind ik de romantiek van dit vak’’

Piet den Blanken begon in 1972 als dokalaborant bij het Brabants Dagblad in Den Bosch. Al vrij snel hierna begon hij met fotograferen en niet lang daarna volgde hij de opleiding reportagefotografie aan de fotovakschool in Apeldoorn. 

Ik bel aan op het adres van Piet den Blanken. Na even te hebben gewacht gaat de deur open en mag ik naar binnen. Een trap omhoog brengt mij in een kamertje waar twee boekenkasten, een tafel met twee stoelen en een kacheltje staan. Hij verteld mij, dat hij nog één foto moet afwerken en dan is hij klaar. Terwijl ik voetstappen hoor die omhoog leiden elders in het huis kijk ik rond en laat ik alle beelden op mij inwerken. Wie denkt dat (journalist)fotografen rijk zijn heeft het mis. Deze kamer ziet er een beetje eenzaam uit en toch zeer sfeervol. Aan de muur hangen drie zwart wit ingelijste foto’s en de boekenkast staat op het eerste gezicht vol met boeken uit het buitenland en boeken over fotografie, hoe kan het ook anders. Deze beelden vertellen mij dat ik in een echte kamer van een journalist is die veelal op reis is en niet zozeer veel geeft om luxe. Ik sta op en loop naar het raam, wat mijn nieuwsgierigheid wekt is de bussen die vlak onder het raam langsrijden. Als je over de weg heen kijkt zie je het park van Breda, met een prachtige fontein en veel groen gewas. Dan hoor ik weer voetstappen die steeds dichter bij komen. Dan gaat de deur open en Piet den Blanke komt binnen. Hij vraagt meteen of ik ook koffie wil. Dit sla ik niet af en hij vertrekt direct met mijn antwoord richting de keuken. Nadat de koffie er is kan het interview beginnen.

Laat ik maar direct met de deur in huis vallen. Waarom heeft u altijd fotojournalistiek en reportagefotografie gemaakt? De reportagefotografie en de fotojournalistiek trokken mij aan. Één van de leuke dingen aan fotografie is het ambachtelijke. Wat vindt u dan ambachtelijk? Het ambachtelijke vind ik de foto’s in de donkere kamer afdrukken en ontwikkelen. Ik doe dat nog steeds, naar de meeste fotografen fotograferen digitaal en dat vind ik persoonlijk best wel jammer. Wat is volgens u nou de belangrijkste eigenschap die een fotojournalist moet hebben? Nieuwsgierigheid. Dat is het allerbelangrijkste. Als je dat niet hebt, dan draaien je reportages op niets uit. Ik vind die nieuwsgierigheid ook de romantiek van dit vak. Want die nieuwsgierigheid zorgt ervoor dat je gaat onderzoeken en dat je steeds maar meer wilt weten hoe dingen in zijn werk gaan. Prachtig! Op uw website vind ik velerlei foto’s van kinderen. Vindt u het makkelijk of juist heel moeilijk om foto’s van kinderen te maken? Ik vind het makkelijk. Kinderen is een dankbaar onderwerp om te fotograferen. Als een fotowinkel een fotowedstrijd organiseert, staan op driekwart van de foto’s kinderen. Op de foto’s die op mijn website staan na, heb ik bewust nooit kinderen gefotografeerd. Ik wil dat mijn foto’s mensen aanspreken en niet de kinderen die erop staan. Hoe was het om met kindsoldaten mee te lopen? Dat was in 1986. Ik vond dat aangrijpend. Niet zozeer omdat het soldaten waren, maar omdat hun kindertijd werd afgepakt. Wat deed dat met u? Het emotioneerde mij. Ze zijn hun zorgeloosheid kwijt. Mijn zoontje speelde met vriendjes, zorgeloos! Maar die kindsoldaten konden dat niet. Zij hadden eigenlijk geen rust. Als u zou mogen kiezen, wat zou u dan liever fotograferen en waarom? (hij lacht) Wat ik nu doe, documentairefotografie. Ik houdt ervan om onderwerpen goed in beeld te brengen. Dat is mijn grootste passie. Op welke fotoreportage bent u het meest trots? De fotoreportages die ik gemaakt heb in Buenos Aires. Eigenlijk op alle reportages die ik gemaakt heb in Latijns-Amerika. Daar kwam ik vaak en daar ligt ook mijn hart. Ik vind het prachtig om daar te komen en te genieten van hun levenscultuur. Heeft u zich weleens onveilig gevoeld in Buenos Aires? Het is niet bepaald de meest veiligste stad op aarde. Ach welke stad is dat wel? Ik heb me daar inderdaad weleens onveilig gevoeld… in het verkeer! Op het moment dat je daar bent in Buenos Aires om een fotoreportage te maken dan ben je totaal niet bezig met de eventuele gevaren die dit beroep met zich mee brengt in dat soort gebieden. Daarbij komt dat iets van een afstand altijd gevaarlijker en enger eruit ziet, dan dat het in werkelijkheid is. En voordat ik op reis ga, heb ik altijd contact met mensen die daar wonen. Dat is ook essentieel voor dit beroep, contacten! Zonder contacten ga je het daar moeilijk krijgen. Ik weet direct bij wie ik moet zijn, waar ik veilig kan fotograferen, wie ik het beste kan fotograferen. Dat hoor ik allemaal van mijn contacten. Zonder die contacten kan ik beter thuis blijven, want dan begin ik daar niets. U heeft verschillende boeken uitgegeven, geëxposeerd, gepubliceerde foto’s in bladen/kranten en websites. Gaat u de komende tijd door of is dit nu zo’n beetje het einde? Voorlopig denk ik niet aan stoppen. Er komt binnenkort nog een tentoonstelling over foto’s die ik in Latijns Amerika gemaakt heb. Als ik nu terug kijk merk ik voornamelijk de laatste jaren dat ik steeds minder opdrachten doe.  

Ik bedank Piet den Blanken voor het interview. Hij stelt voor om nog even naar de galerie in de binnenstad te lopen waar op dit moment zijn werk geëxposeerd wordt. Dat lijkt me ontzettend leuk en we gaan op weg. Onderweg naar de galerie toe verteld hij mij dat hij in het voorjaar van 1997 prostituées fotografeerde die in Managua, de hoofdstad van Nicaragua, langs de drukke weg stonden. Eén van de jonge vrouwen heette Ivania. Hij raakte met haar in gesprek en hieruit ontwikkelde zich een vriendschap die tien jaar duurde. Om de twee a drie jaar kwam hij daar en maakte hij foto’s. We komen bij de galerie aan en gaan naar binnen. Een wand met allemaal foto’s verteld duidelijk een verhaal over die prostituee Ivania. Een paar maanden geleden (zo verteld Piet) kwam ik in Nicaragua en wilde zoals gebruikelijk langs gaan om te zien hoe het gezin het maakte. Ivania stond niet op de luchthaven, zoals anders, maar haar kinderen waren er wel om hem af te halen. Hun moeder was ziek, zeiden ze. Toen hij bij haar thuis arriveerde trof hij Ivania sterk vermagerd en koortsig aan. De 33-jarige vrouw was zo zwak dat ze niet meer op haar benen kon staan. Haar oudste zoon Dorlan sjouwde zijn moeder naar de wc en verzorgde haar, samen met de andere kinderen. Een paar weken later, op de terugweg naar Nederland, ging ik weer langs. Ivania was dood. Ik kon alleen nog, met de kinderen, haar graf bezoeken. De foto’s die ik van haar maakte hangen in de galerie. Ik heb nog steeds contact met de kinderen van Ivania en heb hen ook mijn foto’s gemaild ter aandenken aan hun moeder. Piet den Blanken sluit de galerie af en we lopen door het centrum richting zijn huis.

 


Terug naar boven